Poema
(Puma concolor)
Leefgebied en habitat
De poema leefde vroeger in bijna heel Amerika, van Alaska tot Zuid-Amerika. Door jacht en verdwijnen van zijn leefgebied komt hij in Noord-Amerika nu vooral nog in het westen voor. Ook in Midden- en Zuid-Amerika leven nog steeds veel poema’s.Poema’s kunnen in verschillende gebieden leven, zoals bergen met naaldbossen, tropische bossen, graslanden, droge struikgebieden en moerassen. Ze kiezen plekken waar genoeg schuilplaatsen en prooien te vinden zijn. Dichte begroeiing, grotten en rotsen bieden bescherming en een veilige plek om te rusten.
Uiterlijk
Poema’s zijn grote, slanke katachtigen met een brede kop. Ze hebben sterke kaken en grote hoektanden. Hun vacht is kort en ruw en geelbruin tot grijsbruin van kleur. Op hun buik is hun vacht lichter, en op hun keel en borst zelfs witachtig. De dieren hebben een roze neus met zwarte rand. Ook hebben ze zwarte markeringen bij hun snuit, achter hun oren en op de punt van hun staart. Hun staart is erg lang, ongeveer een derde van hun lichaam. Poema’s hebben relatief korte, maar erg sterke poten. Ze hebben brede voeten met scherpe, intrekbare klauwen. Zoals bij veel diersoorten zijn de mannelijke dieren groter dan de vrouwelijke.
Wist je dat?
- Poema’s nachtdieren zijn
- Poema’s per jaar zo’n 860 tot 1300 kg vlees eten
- Lengte mannetjes: 102–154 cm, vrouwtjes: 86–131 cm Staartlengte: mannetjes: 68–96 cm, vrouwtjes: 63–79 cm
- Gewicht mannetjes: 36–120 kg, vrouwtjes: 29–64 kg
- Leeftijd gemiddeld 18-20 jaar in het wild, 20 jaar in gevangenschap
- Leefgebied Noord-, Midden-, Zuid-Amerik
- Habitat Bergachtige naaldbossen, tropische laaglandbossen, graslanden, droge struikgebieden en moerassen.
Voortplanting
In het wild paren mannelijke poema’s pas wanneer ze hun eigen leefgebied hebben. Hun territorium overlapt vaak met dat van meerdere vrouwtjes. Als een vrouwtje vruchtbaar is, laat ze dit merken met geluiden en gedrag, waarop het mannetje reageert. Ze kunnen tot wel 9 keer per uur paren. Een paring duurt minder dan een minuut.De paartijd kan het hele jaar plaatsvinden, maar piekt in koudere gebieden tussen december en maart. Na een draagtijd van ongeveer 82 tot 96 dagen worden meestal 1 tot 6 jongen geboren. De jongen ontwikkelen zich snel, maar blijven gemiddeld 15 maanden bij hun moeder. Zij beschermt ze totdat ze groot genoeg zijn om zelf op pad te gaan en te jagen.
Vrouwtjes zijn rond hun 2,5e jaar geslachtsrijp, mannetjes rond 3 jaar.
Voedsel
Poema’s zijn echte carnivoren. Ze eten voornamelijk hoefdieren zoals elanden, wapiti’s, verschillende soorten en herten en kariboes. Ook kleinere dieren zoals eekhoorns, muskusratten, wasberen, konijnen en vogels staan op het menu. Soms jagen ze zelfs op vee. Per jaar eten ze zo’n 860 tot 1300 kg vlees. Vaak verstoppen ze hun prooi onder een laag bladeren, en keren dan ’s nachts terug om ervan te eten.
Gedrag en levenswijze
Poema’s leven meestal solitair (alleen), behalve tijdens de paartijd en wanneer jongen nog afhankelijk zijn van hun moeder. Ze hebben grote territoria, die ze markeren met urine, uitwerpselen en krabsporen bij bomen.De grootte van hun leefgebied hangt af van voedsel: soms leeft er maar één poema per 85km2, maar in gebieden met veel voedsel kunnen meerdere poema’s leven. In sommige gebieden hebben poema’s verschillende leefgebieden in de zomer en winter en trekken ze daartussen heen en weer. De dieren zijn vooral ’s nachts actief.