Aap |
|
Apen zijn er in tientallen soorten, met verschillende levenswijzen en in grootte uiteenlopend van een decimeter tot twee meter. Toch delen ze een aantal eigenschappen. Zo zijn alle apen sociale dieren, levend in groepen waarbinnen een rangorde heerst. Gedurende de eerste levensjaren krijgen de jongen veel zorg en aandacht van de moeder, die soms wordt geholpen door medeverzorgsters. In deze periode staan ze nog onder en boven de wet: hun 'apenstreken' worden door de volwassenen door de vingers gezien. ![]() Als het jong groter wordt neemt zijn speelruimte echter af - rond de puberteit hoeft hij niet meer op toegeeflijkheid te rekenen. Begrijpelijk, want in die levensfase zal het dier zich tegen zijn groepsgenoten keren. Als laagste in rang zal hij zich een hogere positie letterlijk moeten bevechten. Een aap die als baby wordt gekocht zal een extreme aanhankelijkheid jegens zijn eigenaar vertonen. Zijn natuurlijke behoefte aan bescherming dwingt hem ertoe zich te hechten aan zijn menselijke verzorger. Maar naarmate hij zelfstandiger wordt, gaat hij de grenzen van wat mag en niet mag verkennen. Om hoogste in rang te worden zal hij eerst de zwakste gezinsleden, meestal de kinderen, aanvallen en daarna het leidende vrouwtje van `zijn` groep, de vrouw des huizes. Ten slotte neemt hij het op tegen de leider, de heer des huizes. Gewoonlijk is dit het keerpunt in de genegenheid voor het eertijds vertederende troeteldier. Die brutale aap moet maar eens leren wie de baas is, als hij niet wil gehoorzamen gaat hij in een kooi, punt uit. Gevangenschap en totale eenzaamheid zijn de straf voor het dier, dat geen andere misdaad pleegde dan zijn instinct te volgen.
|