Wel en wee van de eekhoorns |
|
Allereerst willen we een geliefde bewoner van de Zoogdierafdeling herdenken: de Noord-Afrikaanse grondeekhoorn Peewee. Meer dan tien jaar woonde hij bij ons. Hoewel eekhoorns over het algemeen erg territoriaal (lees: agressief) zijn, viel Peewee juist op door zijn beminnelijke karakter. Hij was aardig tegen zowel de verzorgers als zijn buren. Geen wonder dat hij altijd werd uitgekozen voor gedurfde samenvoegingen, bijvoorbeeld met andere (eekhoorn)soorten. Een enkele keer ging het mis, bijvoorbeeld omdat zijn nieuwe groepsgenoot bang was of in stress raakte, maar door Peewee's rustige karakter ging het meestal goed. Met name de Chinese gestreepte boomeekhoorns Swin en later Hoelang, konden het uitstekend met Peewee vinden. Het enige nadeel was dat de boomeekhoorns behoorlijk dik werden, omdat ze graag méé-aten van Peewee’s maaltijd! Omdat hij geen tanden meer had, werd al zijn voedsel geprakt, waar de anderen ook wel pap van lustten… Maar Peewee zelf kon dat niets schelen. Zolang hij maar genoeg te eten kon vinden (en daar zorgden we wel voor) en een fijn slaaphuis had (want hij sliep steeds meer), vond hij alles best. Zonder Peewee zal de afdeling niet meer hetzelfde zijn.
Accepteren
GebromNóg soepeler verliep de samenvoeging van de drie suikereekhoorns Lolo, Koil en Misool. Deze drie heren doken na hun kennismaking direct samen in een slaapzak! Als een verzorger het waagt hen om in hun dagrust - suikereekhoorns zijn nachtdieren - te storen, klinkt er meteen een boos gebrom uit de slaapzak.
> |