| Afbeelding | | | Wetenschappelijke naam | | Kleine witneusmeerkat | | Cercopithecus ascanius | | Grote witneusmeerkat | | Cercopithecus nictitans | | Monameerkat | | Cercopithecus mona | | Dwergmeerkat | | Miopithecus talapoin | | | Lengte | 50-70 cm + 60-75 cm staart | | Gewicht | Afhankelijk van soort tussen 3 - 7,5 kg | | Maximale leeftijd | 23 jaar | | Uiterlijk | Afhankelijk van de soort vaak mooi gekleurde vacht, vooral rondom het gezicht (opvallende vlek op hun neus of bakkebaarden), opvallend lange hangstaart (voor evenwicht bij grote sprongen) | | Waar komen ze voor? | Afrika ten zuiden van de Sahara | | Leefgebied | Bossen | | Leefwijze | Vooral in bomen, maar ook wel op de grond | | Voortplanting | Vrouwtjes krijgen hun eerste kind vanaf 5 jaar. | | Soort groep | Leider met vrouwtjes, als veel vrouwtjes vruchtbaar zijn worden meer mannetjes tot de groep toegelaten. Gemiddeld 20 apen per groep. Groepen hebben hun eigen territorium. | | Voedsel | Vooral vruchten, maar ook bladeren, zaden, bloemen, wortels, insecten, eieren en kleine prooidieren | | Bijzonderheden | Veel soorten houden siësta. | | In het wild | Meeste soorten niet bedreigd, maar worden steeds vaker gevangen om op te eten (bushmeat). | | In gevangenschap | Komen veel in dierentuinen voor, maar ook wel bij particulieren die op aantrekkelijke kleuren vallen. |
|