|
Maandag 15 maart - De volgende dag staan Femke en Resit al weer vroeg klaar om te vertrekken. We gaan op zoek naar het fenomeen dansaapjes. Ik had er op internet al wel wat van gezien en de mensen die mijn weerzin tegen wilde dieren in het circus kennen begrijpen dat ik hier ook niet veel waardering voor kan opbrengen. Het gaat om Java apen die getraind worden op om fietsjes te rijden, op de handen te lopen en door een hoepeltje te springen. Als de dieren te oud worden, dan worden ze gedumpt, eigenlijk net als in de Europese entertainment wereld.
In een achterbuurt/kampong van Jakarta (en daar zijn er heel, heel veel van) ontmoeten we een paar mensen van J.A.A.N. die de weg weten. Even later staan we in een straatje waar links en rechts complete flats gebouwd van groentekratjes staan waarin per flat wel 15 java apen wonen. Femke legt uit dat het een goed georganiseerde bende is die dit regelt. Zwervers kunnen hier een aap huren voor een dag zodat ze meer geld zullen krijgen. Of de zwerver ook enig idee heeft hoe om te gaan met een aap is zeer de vraag. Overigens schijn je hier ook andere attributen te kunnen huren om de aalmoezen te doen toenemen zoals een baby!
Even later zijn we ongewild getuige van een optreden, zodat we kunnen zien hoe dit in zijn werk gaat. Het dier weet precies wat hij doen moet maar heeft er absoluut geen vrede mee. Het gekrijs en de woede waarmee hij in zijn fietsje bijt en het masker dat hij moet dragen van zich afgooit spreken voor zich. De kleertjes die hij aanmoet knellen en zijn veel te warm. Het is regentijd dus alles is vochtig of net en het is zeer benauwd. Ook voor een java aap. Het publiek juicht als het aapje opnieuw een paniekaanval krijgt, een langsrijdende brommer rijdt bijna over zijn staart. Ik heb genoeg gezien en wil weg. Onderweg komen we nog een flat met afgedankte apen tegen, ben benieuwd wat hun lot verder is. Met de grootste branieschopper van het stel sluit ik vriendschap, maar plots probeert hij me toch te bijten. Het blijven apen!
Maandagmiddag: In een eettentje bespreken we het volgende programma-onderdeel: een bezoek aan een van de beruchte dierenmarkten. Het is duidelijk dat we daar niet openlijk kunnen filmen, men houdt er niet zo erg van pottenkijkers. Een verborgen camera biedt uitkomst. Zodra we de markt oplopen realiseer je je dat dit een voor mij totaal andere, keiharde wereld is. De manier waarop allerlei dieren uitgestald worden spreekt boekdelen. Maar het feit dat men zich totaal niets aantrekt van internationale afspraken over de bescherming van soorten maakt me wel heel verdrietig. Kisten vol met apen, kisten vol met plompe lories, arenden, civetkatten, boskatten, een jong ottertje, eindeloos veel toepajas en soorten die ik nauwelijks kan plaatsen. Bakken vol met slangen waarvan de onderste het zeker niet gaan redden en kratten vol met vogeltjes die geen schijn van kans maken. Ik begin een gesprekje met een van de handelaren die graag met me op de foto wil met een slangetje. Dat is fijn want dan kunnen we ondertussen de andere dieren filmen zonder dat hij argwaan krijgt.
Bij het verlaten van de markt komt hij me achterna; hij heeft een plompe lori voor me die hij best voor weinig aan me wil verkopen. Ik verwacht toch altijd nog iets van 150 te horen te krijgen, maar nee, nog voor enige onderhandeling start hij op 15. Tja, een dierenleven is hier niet veel waard. Overigens legt hij me nog wel (terwijl de camera snort) uit hoe je dergelijke dieren de grens over krijgt. Een dubbele bodem in je koffer is het handigst, een enkel luchtgaatje doet wonderen...
|