Stevie Wonder

In de zeven jaar dat ik als dierenarts bij AAP werk, heb ik een enorm aantal mooie, trieste maar ook spannende dieren mogen behandelen en onderzoeken. Zo waren er dieren die meer dood dan levend binnenkwamen, uitdagende klinische vraagstukken, ontsnapte chimpansees, succesvolle – en ook minder succesvolle - operaties en lange dagen met preventieve behandelingen. Elk dier, elke patiënt verdient het om een verhaal te krijgen...

StekelvarkenStevie, het stekelvarken, kwam in 2006 met 34 andere zwaar verwaarloosde dieren vanuit een failliete Franse dierentuin naar Nederland. Omdat er bij AAP niet direct een quarantaineplaats beschikbaar was, werd hij enkele maanden in het Vogelrevalidatiecentrum in Zundert opgevangen. Bij de overdracht naar AAP werd vermeld dat hij gek was op ui en walnoten en erg neurotisch was.

Een beetje zenuwachtig maar vooral nieuwsgierig, bereidde ik de komst en eerste quarantainebehandeling van Stevie voor. Ik had nooit eerder een stekelvarken in handen gehad, laat staan verdoofd, en leerde na doorspitten van literatuur dat een stekelvarken een knaagdier is; een reuzenrat met vlijmscherpe stekels zou je kunnen zeggen. Dat betekent dat er niet alleen anatomisch gelijkenis met knaagdieren is, maar ook op ziektegebied. Dat was goed om te weten! Toen ik zijn quarantaineverblijf betrad, stak hij als begroeting gelijk al zijn stekels (ook wel pennen genoemd) omhoog en draaide zijn kont naar me toe. Daarbij maakte hij een grommend, haast brommend geluid en ritselde angstaanjagend met zijn staartpennen. De eerste behandeling verliep vlot, ook al bleek het een uitdaging om het verdovingspijltje tussen de opstaande stekels in de huid te schieten. Heel voorzichtig, zonder ons te prikken aan de lange naalden, legden we hem op tafel. Wat bijzonder om een rat van 15 kilo van dichtbij te bekijken! Hij had een mooie set knaagtanden, en was dankzij goede verzorging in Zundert in perfecte conditie. Ik heb hem ontwormd en gevaccineerd, en de gebruikelijke mestmonsters werden opgestuurd voor standaard-quarantaineonderzoek.

Stevie’s gedrag bleef gedurende de quarantaineperiode heel onrustig; hij bewoog dwangmatig met zijn hoofd heen en weer, en stak bij het minste of geringste onverwachte geluid zijn stekels op. Aangezien zijn afwijkende gedrag door verveling leek toe te nemen, werd alles in het werk gesteld om hem zo snel mogelijk samen te voegen met een soortgenoot. Een geschikte partner werd gevonden in kasteelpark Born; een solitair levend vrouwtje! Voorwaarde voor de kennismaking was dat Stevie eerst gecastreerd zou worden.

Zo gezegd, zo gedaan; Stevie werd voor de tweede keer verdoofd. Maar wat een verrassing toen Stevie, met stekels als een dik bed onder zich gevouwen, op zijn rug op de tafel lag en ik het operatiegebied wilde gaan scheren! De buik was niet bedekt met haren, zoals het leek, maar met harde dunne stekeltjes waar het scheerapparaat niet tegenop kon. Met een stevige schaar knipte ik de stekeltjes dus maar heel kort af. De castratie voerde ik uit alsof ik met een hond te maken had.

Helaas wachtte ons bij verder onderzoek een minder leuke verrassing. Stevie had een flinke, chronische tandvleesontsteking, met een losse linker bovensnijtand die in de kaak was afgebroken. Waarschijnlijk had hij enkele weken eerder bij het uitvoeren van zijn dwangmatige bewegingen, zijn gebit beschadigd. Ik verwijderde het loszittende deel van de tand, hopende dat deze vanuit de wortel, zoals dat bij knaagdieren gaat, weer zou doorgroeien en hij kreeg een antibioticumkuur. De reis naar zijn liefje in het zuiden stond even on hold. We hadden namelijk een flink probleem: zijnde een knaagdier, zouden zijn tanden continu doorgroeien en af moeten slijten op de tegenoverliggende snijtand. Als deze bovensnijtand niet zou aangroeien, zou de ondersnijtand door gaan groeien en een soort grote slagtand kunnen vormen. Die uit de mond, maar ook in het mondweefsel zou kunnen groeien. Twee weken later zouden we hem weer op tafel leggen om dit te controleren.

Samen met Marleen, destijds aanspreekpunt van de Zoogdierenafdeling, zou ik Stevie in zijn nachtverblijf opsluiten en verdoven. Omdat van Marleen bij ontsnappingen van dieren verwacht werd de blaaspijp te kunnen hanteren, liet ik haar, bij wijze van oefening, de verdoving schieten. Bij het optillen van de deksel van zijn nachtverblijf zette Stevie zijn stekels overeind, en Marleen probeerde ertussen te mikken. De pijl ketste helaas af op de harde stekels. Ze ondernam een tweede poging... Toen gebeurde het: Stevie werd boos, stampte met zijn achterpoten, ratelde met zijn staart en drie, misschien vier stekels werden vanaf zijn staartbasis op ons afgevuurd! Ze kwamen niet ver, ongeveer dertig centimeter.

We keken elkaar aan en beseften dat we getuige waren geweest van een ‘fabeltje’, ‘een mythe’, ‘een broodje- AAPverhaal’. Het verhaal gaat immers dat stekelvarkens hun stekels tot wel vijf meter kunnen afschieten. Het staat vast dat een stekelvarken dat bang of kwaad is, eerst een waarschuwing geeft door met zijn pennen te ratelen en zijn stekels door middel van kleine spiertjes aan de basis overeind te zetten. Bij aanhoudend gevaar rent hij snel achteruit en zodra de pennen de vijand raken, laten deze makkelijk los... Maar hadden we dit verschijnsel echt gezien, of waren we domweg kippig? We zullen het nooit weten.

Wat we wel wilden weten, was hoe het met Stevie’s voortanden ging. Op een röntgenfoto konden we zien dat de linker bovensnijtand die op de wortel was afgebroken, iets leek te zijn aangegroeid. De rechter bovensnijtand had al het werk opgevangen en was tot op het tandvlees afgesleten. We hadden hoop dat de tand verder zou doorgroeien. Nadat we de ondersnijtanden hadden ingekort met een slijptolletje, hebben we besloten dat Stevie naar zijn vriendinnetje in Born mocht gaan, met de kanttekening dat zijn gebit en de aangroei van de linker bovensnijtand nauwlettend gevolgd moest worden.

Een half jaar later ging ik naar Born om twee berberaapmannen die van AAP waren gekomen, te steriliseren. Zodra ik klaar was, ben ik meteen naar het verblijf van Stevie en Thea gelopen. Wat een mooi gezicht om hem daar te zien rondscharrelen met zijn meisje! Als begroeting stak hij zijn stekels op en draaide zijn kont naar me toe.

Helaas bleek enkele maanden later dat zijn ondersnijtanden hard doorgroeiden zonder af te slijten en het mondslijmvlies van de bovenkaak beschadigden. Om hem maandelijkse slijpsessies van deze ondersnijtanden te besparen, heeft de dierenarts in overleg met ons besloten dat het beter was om hem in te laten slapen. Hij heeft helaas maar een korte tijd van zijn nieuwe, rijke leven mogen genieten. Maar ik was een heel bijzondere ervaring rijker en geloof graag in het wonder van Stevie, het stekelschietendevarken.

Hester van Bolhuis, Dierenarts Stichting AAP

Stem op Stevie in de Leukste-dier-verkiezing van AAP!

 

Deze website maakt gebruik van cookies. Lees meer over ons cookiebeleid